'Een fontein van levend water'

Lied voor de dienst 16 april

Christus, onze Heer, verrees, halleluja! (OTH 107) Christus, onze Heer, verrees, halleluja! Heil’ge dag na angst en vrees, halleluja! Die verhoogd werd aan het kruis, halleluja, Bracht ons in Gods vrijheid thuis, halleluja! Prijst nu Christus in ons lied, halleluja, Die in heerlijkheid gebiedt, halleluja, Die aanvaardde kruis en graf,

DE OPSTANDING

“Want zoals allen in Adam sterven, zo zullen ook in Christus allen levend gemaakt worden.” (1 Korinthe 15 : 22) Dat Jezus opstond uit de doden is altijd één van de meest omstreden geloofspunten geweest. Dat was al zo in Paulus’ tijd. Hij schrijft erover in 1 Kor 15. ”Als

Lied voor de dienst 9 april

Hij kwam bij ons, heel gewoon (OTH 114) Hij kwam bij ons, heel gewoon, De Zoon van God als mensenzoon. Hij diende ons als een knecht En heeft zijn leven afgelegd. refrein: Zie onze God, De Koning-knecht, Hij heeft zijn leven afgelegd. Zijn voorbeeld roept Om te dienen ied’re dag,

Lied voor de dienst 2 april

Mijn Verlosser hangt aan t kruis (OTH125) Mijn Verlosser hangt aan ’t kruis, Hangt ten spot van snode smaders. Zoon des Vaders, Waar is toch Uw almacht thans, Waar Uw goddelijke glans? Mijn Verlosser hangt aan ’t kruis, En hij hangt er mijnentwegen, Mij ten zegen, Van de vloek maakt

VRIJE TOEGANG BIJ GOD !!

Klinkt dit niet wat te gemakkelijk? Te goedkoop? Dat je zomaar bij God mag aankomen? Nou, het staat in de Bijbel. Lees maar in Hebreeën 4 vers 14 tot en met 16. “Nu wij dan een grote Hogepriester hebben, Die de hemelen is doorgegaan, namelijk Jezus, de Zoon van God,

Lied voor de dienst 26 maart

Is dat, is dat mijn Koning (OTH 116) Is dat, is dat mijn Koning, Dat aller vaad’ren wens. Is dat, is dat Zijn Kroning? Zie, zie, aanschouw de mens! Moet Hij dat spotkleed dragen, Dat riet, die doornenkroon, Lijdt Hij die smaad, die slagen, Hij, God, Uw eigen Zoon? Ja,

Lied voor de dienst 19 maart

t Is middernacht, en in de hof (OTH 117) ’t Is middernacht, en in de hof, Buigt, tot de dood bedroefd, in ’t stof De Levensvorst; in Zijn gebeen Doorworstelt Hij zijn strijd alleen. ’t Is middernacht, maar Jezus waakt, En ’t zielelijden, dat Hij smaakt, Bant uit Zijn hart